Het had nooit mogen gebeuren

Het had nooit mogen gebeuren

Nee, het was niet gepland, het was niet de bedoeling, het werd niet gewenst. Het is nooit een reden tot vreugde, en toch weten we dat het zal gebeuren. We bevinden ons gevangen tussen het ongewenste en het onvermijdelijke. Men zegt wel dat er twee dingen zijn waaraan niemand kan ontsnappen: belastingen en het onderwerp van deze overdenking.

Door de eeuwen heen heeft de mens geprobeerd dit mysterieuze verschijnsel, waar niemand vat op heeft, te overwinnen. De Bijbel noemt enkele personen die deze wereldwijde vijand schijnbaar hebben weten te ontlopen. De rijken hebben het geprobeerd; de oude Egyptenaren lieten ons hun mummies na, en ook andere beschavingen volgden vergelijkbare wegen, in de hoop uiteindelijk toch de overwinning te behalen. Tegenwoordig roepen degenen die het zich kunnen veroorloven de moderne wetenschap te hulp. Het doel is steeds hetzelfde: het onvermijdelijke uitstellen, zo niet overwinnen.

Wie zou nog durven wedden op de uitkomst, als we weten dat die bij voorbaat vaststaat? En toch was het nooit Gods bedoeling dat het zo zou zijn.

De huidige generatie is niet de eerste die hierover heeft nagedacht. Tweeduizend jaar geleden schreef iemand zijn overtuiging hierover op. Hij plaatste geen weddenschap in de hoop te winnen; hij sprak een vaste overtuiging uit. Hij voorspelde een positieve afloop, hij voorspelde de overwinning:

1 Korintiërs 15:55. “Dood, waar is uw prikkel? Graf, waar is uw overwinning?”

Wij haten de dood; hij is onze meest geduchte vijand. Tot nu toe is hij vrijwel altijd als overwinnaar uit de strijd gekomen. We kunnen een gevallen soldaat als een held eren, maar zijn familie had hem liever levend thuisgezien. Wanneer we naast een open graf staan, erkennen we dat iemand opnieuw heeft verloren, dat iemand “het doel heeft gemist”. Paulus houdt in 1 Korintiërs 15 een indrukwekkend betoog. Lees het. Luister naar hem. Je merkt hoe diep hij hierdoor geraakt is. We kunnen soms moeite hebben met zijn ingewikkelde theologie, maar over de uiteindelijke uitkomst laat hij geen enkele twijfel bestaan: de vijand wordt definitief verslagen. De dood wordt verbannen en moet zelfs zijn vroegere slachtoffers weer loslaten.

Want de dood was nooit Gods bedoeling.

Toch hullen wij de volgende eenvoudige waarheid vaak in een eindeloze hoeveelheid kerkelijk jargon. Het feit is: God heeft de dood nooit bedoeld als een aantasting van Zijn scheppingsplan. Toen Hij schiep, was alles “zeer goed” (tov). We proberen de zonde op allerlei manieren te verklaren en wijzen daarbij op de onbegrijpelijke keuze van Eva.

Verrast het je dat hier het woord zonde wordt gebruikt voor wat er in Genesis 3 gebeurde, aan de voet van de boom die er evengoed alleen als versiering had kunnen staan.

 Als we zonde omschrijven als “het doel missen”, was Eva’s daad dan niet precies dat: het doel missen? Met andere woorden: zonde. Het doel was leven — een leven dat “zeer goed” was. Het ‘doel missen’ leidde tot het graf. Maar God gaf Zijn plan nooit op.

God gaf ons een vrije wil; wij bepalen onze bestemming. Jozua begreep dat toen hij het volk opriep: “Kies dan heden wie u dienen zult” (Jozua 24:15).

God dwong hen niet; de keuze was aan hen. Diezelfde keuze ligt vandaag ook voor ons: kiezen voor het doel dat werkelijk de moeite waard is.

Onze Heer zei iets soortgelijks. Johannes tekende Zijn woorden op:

“Ik ben gekomen opdat zij leven hebben en overvloed hebben.”  (10:10)

We kunnen deze woorden ook op andere manieren toepassen, maar sluiten zij daarom Gods bedoeling met ons leven en onze levensduur uit?

Ezechiël gebruikt keer na keer de uitdrukking “gewisselijk leven” SV.


(Zie bv. Eze 18:17: Zijn hand van den ellendige afhoudt, geen woeker noch overwinst neemt, Mijn rechten doet, en in Mijn inzettingen wandelt; die zal niet sterven om de ongerechtigheid zijns vaders; hij zal gewisselijk leven.

Hij sprak namens God. Leven — ons leven — is voor God van groot belang.

Kun je je het beeld voorstellen van God die naast een open graf staat terwijl de woorden “stof zijt gij en tot stof zult gij wederkeren” worden uitgesproken?
Vergelijk met: Ezechiël 18:32 “Want Ik schep geen behagen in de dood van hem die sterft, spreekt de Heere HEERE. Bekeer u dan en leef.”

God wil dat wij leven!

De dood had er nooit mogen zijn. Het was een verkeerde keuze; de mens miste het doel — dát was zonde. Maar eens zullen wij ons verheugen, omdat God zijn doel nooit heeft opgegeven.

1 Korintiërs 15

Vers 56: “De prikkel van de dood is de zonde, en de kracht van de zonde is de wet.”

Vers 57: “Maar God zij dank, Die ons de overwinning geeft door onze Heere Jezus Christus.